Grondbewerking na de oogst: waarom geduld loont

Na de oogst is de verleiding groot om het perceel snel weer vlak te trekken. Toch kan dit de bodemstructuur flink beschadigen. In dit artikel lees je waarom geduld met grondbewerking loont en hoe je de structuur van je perceel behoudt.
Behoud van een goede structuur is een van de pijlers onder goed bodembeheer. Een goede structuur betekent een goede onderlinge binding van minerale gronddelen en organische stof. De structuur kan echter ook te los zijn. Wat heeft dit voor gevolgen?
Zeker bij relatief vroeg vrijkomende percelen (tafelaardappelen, pootgoed) wordt nogal eens gekozen voor de inzet van ‘ijzer’ om na de oogstwerkzaamheden de bovengrond vlak te rijden. De klus geklaard, sporen van transport zijn niet meer zichtbaar. Helaas is er in de bovengrond dan wel een onsamenhangend geheel ontstaan dat bij neerslag als een spons water blijft vasthouden. Vooral als er sprake is van een ploegzool en/of een lichte zavelgrond (8-17,5% lutum) is dat funest. Voorlopig kun je dan niet meer op het perceel terecht. Laat je daarom niet verleiden en wacht met grondbewerking totdat er gelijk een wintergewas wordt ingezaaid of dat er kan worden geploegd, alleen sporen lostrekken is tot moment van grondbewerking voldoende.
FAQ
Waarom moet ik wachten met grondbewerking na de oogst?
Te vroege bewerking maakt de bovengrond te los, waardoor deze water vasthoudt en moeilijk bewerkbaar wordt.
Wat is het risico van grondbewerking op zavelgrond?
Op lichte zavelgronden leidt een losse structuur tot sponswerking en problemen bij neerslag.
Wat kan ik wel doen direct na de oogst?
Alleen transportsporen lostrekken. Volledige grondbewerking pas uitvoeren bij ploegen of inzaai van een wintergewas.
Bron: Delphy

