Behoud bodemstructuur in het voorjaar: praktische tips
Voor het behoud van de structuur is er één gouden regel: begin niet te snel en wacht tot de bouwvoor (en bij voorkeur ook de ondergrond) voldoende draagkracht heeft. Een valse start werkt vaak het hele seizoen door in groei en benutting van mineralen. Wat kun je zelf bijdragen?
Onderstaand een aantal tips om de structuur van je grond goed te houden c.q. te verbeteren.
- Beperk wiellast en bandenspanning: kies waar mogelijk lichte mechanisatie, verlaag bandenspanning, voorkom onnodige werkgangen en voorkom rijden buiten vaste rijpaden.
- Werk met ‘zo droog mogelijk’ in plaats van ‘zo vroeg mogelijk’: later zaaien/poten onder goede omstandigheden kan opbrengst en benutting verbeteren t.o.v. vroeg beginnen met structuurschade.
- Voorkom kluiten en slemp: bewerk geen te natte grond om kluitvorming te vermijden; houd een fijne, stabiele toplaag aan om korstvorming en ongelijkmatige opkomst te beperken.
- Groenbemester in winter/vroeg voorjaar: begin pas als de grond voldoende droog of bevroren is. Eerst verkleinen (bijv. klepelen), daarna licht inwerken (ca. 5 cm) en pas na 3–4 weken (bij droger weer) een diepere bewerking afhankelijk van systeem en volggewas.
- Bemesting ‘in timing’: bij koud/nat en beperkte wortelgroei is de benutting lager; voorkom dat (met name) N te vroeg beschikbaar komt en vervolgens verloren gaat. Waar mogelijk: afstemmen op groeizaam weer, gewasstadium en berijdbaarheid.
Bron: Delphy



