Deel

Ui

Zaaiuien hebben pas vanaf de bolvorming écht stikstof nodig

In het begin hebben zaaiuien niet zoveel stikstof nodig. Pas rond de bolvorming, rond de langste dag, neemt de stikstofbehoefte toe. Op dat moment moet de plant het ook tot zijn beschikking hebben. Daarnaast willen we graag voldoende looflengte in de pijpen bewerkstelligen. Hoe combineren we een en ander in een goed bemestingsadvies?

Kortgezegd doen we dit door een basisbemesting te geven aangevuld met een regelmatige overbemesting vanaf het moment dat de uien een tweede pijp krijgen, dan wel dat de 1e echte pijp circa 10-15 cm lang is. Vaak wordt dan begin juli nogmaals een gift gegeven om voldoende loof te kweken.
De totale hoeveelheid stikstof die we aan de ui geven, is in het afgelopen decennium wel toegenomen. In de hoogproductieve gebieden wordt wel tot 200 kg N zuiver gegeven. Op de zwaardere kleigronden wordt minder gegeven, maar ook hier is duidelijk dat er in de basis meer stikstof wordt gegeven aangevuld met twee overbemestingen om aan de totale stikstofbehoefte van 160-200 kg N te komen.

Bijbemesting van invloed op tripsproblemen
Trips is een jaarlijks terugkerende plaag in de ui, waar de trips zeker aangetrokken wordt naar uienpercelen die rijkelijk met nitraat worden bemest. Regelmatige groeiende uiengewassen, zoals we op biologische percelen zien die veelal groeien met stikstof uit mineralisatie en minder door in het seizoen gegeven bijbemestingen, zijn minder gevoelig voor trips.

Bron: Delphy

Gerelateerde artikelen

Ontvang de NutriNorm nieuwsbrief met actuele kennis over bemesting
Ontvang de NutriNorm nieuwsbrief met actuele kennis over bemesting
Ontvang de NutriNorm nieuwsbrief met actuele kennis over bemesting