KAS = KAS, maar zelfs dan is er nog wat te kiezen!
Nú al weten met welke kunstmest(en) u komend jaar op uw gewassen wilt strooien, is vooral praktisch en vaak ook voordeliger om bijvoorbeeld tijdig de juiste meststof op het erf te hebben. Voor de specifieke meststofkeuze kan voldoende kennis over de verschillende stikstofvormen dan handig zijn.
Stikstofvormen en opname door een gewas
Alle bekende stikstofhoudende kunstmesten verschillen in essentie vooral door de vorm waarin de stikstof in het product aanwezig is: nitraat (NO3-), ammonium (NH4+) of amide (ureum). Akkerbouwgewassen nemen bij voorkeur stikstof op in de vorm van nitraat. Nitraat is na toediening direct en volledig beschikbaar als plantenvoeding. Hiervoor is wel voldoende bodemvocht nodig. Nitraat is bovendien niet alleen een N-voedingsstof, maar bevordert ook de opname van nutriënten als calcium, magnesium en kalium.
Een tweede stikstofvorm is ammonium. Slechts een klein deel hiervan is direct door het gewas opneembaar. Het merendeel van het ammonium moet door bodemleven eerst worden omgezet tot nitraat (nitrificatieproces). Door de positieve lading van ammonium (NH4+) hecht het zich aan de bodem. Dit vermindert de directe opname omdat de graswortels naar de ammoniumstikstof toe moeten groeien.
De derde stikstofvorm is amidestikstof (ureum). Amidestikstof wordt niet rechtstreeks door de wortels van het gewas opgenomen, wel kan een klein deel rechtstreeks door het blad worden opgenomen als het wordt toegediend in vloeibare vorm. De stikstofopname uit ureum is een meertrapsraket. Allereerst wordt ureum in de bodem omgezet in ammonium (NH4+) door het enzym urease. Vervolgens wordt het ammonium grotendeels omgezet in nitriet en vervolgens in, door het gewas goed opneembaar, nitraat (NO3-). Deze verschillende trappen resulteren in een tragere werking van ureumstikstof.
Maak een bewuste keuze voor een bepaalde meststof
Veel factoren hebben invloed op de keuze voor een bepaalde stikstofvorm/-vormen, zoals de stikstofbehoefte van de akkerbouwgewassen, de temperatuur, vocht in de bodem, naleverend vermogen van de bodem, etc. Daarnaast heeft elk gewas een eigen opnamepatroon van stikstof, afhankelijk van hoe en wanneer het gewas zich ontwikkeld. Omdat het weer, zeker op langere termijn, slecht te voorspellen is, is een combinatie van stikstofvormen een veilige keuze. Kies meststoffen waarvan u de samenstelling aan stikstofvormen kent en waarvan de eventuele aanwezigheid van andere voedingsstoffen gerechtvaardigd is op basis van een recente bodemanalyse. Een meststof met 39% stikstof bijvoorbeeld werkt veel trager, zeker in een koud voorjaar, als het volledig uit een ureum met coating bestaat dan bijvoorbeeld uit een combinatie van nitraat- en ammoniumstikstof. Overigens wijzen zowel onderzoek als praktijk keer op keer uit dat een bewezen meststof als KAS (o.a. Nutramon) met haar 13,5% nitraat-N en 13,5% ammonium-N één van de beste keuzes blijft.
Ondanks dat de combinatie van stikstofvormen in KAS een veilige keuze is, zijn er situaties denkbaar, bijvoorbeeld in teelten met een hogere basisbemesting, waarin je wilt dat ammoniumvorm in KAS nog net iets langer in stand blijft. Een oplossing hiervoor is het gebruik van nitrificatieremmers. Een KAS waaraan een dergelijke remmer is toegevoegd is Nutramon Care. Hiermee wordt de omzetting van ammonium naar het uitspoelingsgevoelige nitraat vertraagd met 4–10 weken, waardoor stikstof langer in de ammoniumvorm in de wortelzone blijft. Als deze meststof aan de basis wordt gestrooid, krijgt het gewas meer tijd om de stikstof op te nemen in de bovengrond. Het resultaat is: meer stikstof in de wortelzone van de plant en minder verlies van stikstof door uitspoeling. De uitspoeling kan op deze manier dalen met 30 tot 50%. Uiteindelijk zal meer stikstof in de plant komen waardoor een (substantiële) opbrengststijging mogelijk is.
Nutramon KAS is de beste kalkammonsalpeter voor wie maximale betrouwbaarheid, efficiëntie en opbrengst uit stikstof wil halen. Klik hier voor meer informatie: Nutramon
Bron: OCI

